|
Tolhuisjes op de weg naar kennis
Dat de recente ontrafeling van het menselijk genoom van onschatbaar wetenschappelijk
belang is zal niemand ontkennen. Dat er echter politieke en maatschappelijke
addertjes in et gras schuilen lijkt niemand bezig te houden.
Blijkbaar staat niemand stil bij het feit dat wie in de toekomst op het genoemde
terrein onderzoek wil plegen, eerst beleefd en met de portefeuille in de hand zal
moeten aankloppen bij de databanken van het Human Genome Project en de firma Celera.
Deze gegevensbanken dreigen toekomstige tolhuisjes te worden.
Het onderzoek naar het menselijke genoom is immers voor een belangrijk deel
gefinancierd is met private middelen. Dat laatste is niets nieuws, tot voor kort
bestonden
'publieke middelen' niet eens. Wetenschap werd in het verleden vaak gefinancierd uit
het eigen vermogen van de onderzoeker of door middel van donaties van
schaarsgezaaide mecenassen.
Wat echter wel nieuw en verontrustend is is dat nu kapitaal via de beurs wordt
aangetrokken met een nadrukkelijk winstoogmerk. Deze nieuwe financiers zijn
overduidelijk eerder in rendement dan in kennis geïnteresseerd. Deze vermenging van
wetenschappelijke en financiële belangen heeft verstrekkende gevolgen op zowel
korte als lange termijn.
Op korte termijn zullen onderzoekers moeten betalen voor het gebruik van kennis die
door risicokapitaal gefinancierd is. Veel keuze hebben zij niet. Databanken zoals
Celera worden verplichte passagepunten voor wie aan het wetenschappelijke front wil
werken. Wie niet wil betalen besluit praktisch gesproken om te stoppen met serieus
onderzoek.
De gevolgen op langere termijn zijn nog ingrijpender. De weg die leidt tot nieuw
onderzoek is reeds opgekocht door financiers en zij heffen nu zonder verpinken tol
langsheen deze weg. Dat heeft consequenties hebben voor de richting en voortgang van
het onderzoek. Geen enkele vorser zal nog een researchlijn opzetten als te
verwachten valt dat de uitkomsten slechts een concurrerend patenthouder zullen
verrijken. Het gevolg zal zijn dat de geneeskunde niet meer vrij gebruik zal kunnen
maken van de beste kennis voorhanden.
Deze ontwikkelingen worden door sommige onderzoekers met enige onverschilligheid
tegemoet getreden. Ze stellen dat het niet meer dan normaal is dat de farmaceutische
industrie alleen in fundamenteel onderzoek investeert als het een behoorlijke stuiver
opbrengt. De financiële afhankelijkheid van de moderne medische wetenschap is
dus een simpel fact of life waar we mee moeten leren te leven.
Het gevaar is echter niet denkbeeldig dat de geneeskunde in een situatie belandt die
vergelijkbaar is met wat nu in de informaticawereld bestaat. Overal Windows, niet
omdat dat het beste product is, maar omdat de zaken nu eenmaal zo gelopen zijn. Gewoon
een kwestie van overdonderende marketing en bodemloze financiële middelen, ook
zo'n simpel fact of life.
Zo raakt de de geneeskundig onderzoek steeds meer verweven met het grote geld en
ontstaat een ondoorzichtige en onfrisse mix van wetenschappelijke en financiële
overwegingen. De euro en de dollar worden zo niet alleen de maat van het
wetenschappelijk debat, maar erger nog de rem op het wetenschappelijk onderzoek.
Think Twice december 2001
|