|
|
|
Het Gutenberg project onder druk:
Toen de Amerikaan Michael Hart in 1971 een account op het
computersysteem
van de universiteit van Illinois kreeg veranderde zijn leven drastisch.
Hij werd met stomheid geslagen door het schier onbeperkte vermogen van
de computer om gegevens op te slaan, te kopiëren en te doorzoeken.
Toen ontkiemde in zijn hoofd het simpele idee dat zou uitgroeien tot een
ambitieus levenswerk. Hij vatte het plan op een gigantische elektronische
openbare bibliotheek aan te leggen die gratis te raadplegen zou zijn.
Zo werd Project Gutenberg geboren.
Sinds 1988 is Hart erin geslaagd ongeveer elfhonderd boeken op
Internet te zetten. De eerste tekst die Hart verspreidde was de Amerikaanse
Onafhankelijkheidsverklaring. De eerste boeken van de Gutenberg-bibliotheek
heeft hij eigenhandig ingetypt. Over de 26.000 woorden van Alice in Wonderland
deed hij een hele week. Bovendien wilde hij die elektronische teksten
- e-teksten - in een vorm aanbieden die de meerderheid van computers en
programma's zou kunnen lezen, gebruiken, quoteren en hyperlinken. Hart
koos voor het zogenaamde ,,Plain Vanilla ASCII-formaat'', dat elke
tekstverwerker
kan lezen. ,,Welcome to the World of Plain Vanilla Electronic Texts. Readable
By Both Humans and Computers'', staat erboven aan elke tekst. Hij verving
schuine druk, vette letters en onderstreepte woorden door hoofdletters.
Niet minder dan 99 procent van de hardware en software waarmee je te maken
krijgt, kan die bestanden opzoeken en lezen. Hart bereikt op die manier
zowel de Apples en Atari's, als de DOS-, Unix- en mainframe-gebruikers.
Michael Hart stelde: ,,Alice in Wonderland, de bijbel, de koran en andere
teksten zullen immers zo lang meegaan als de menselijke beschaving. Dat
kan over de meeste besturingssystemen, programma's en tekstannotatiesystemen
zoals HTML niet worden gezegd.''
Sinds het ontstaan van het Internet is Hart niet meer
afhankelijk van gesloten netwerken om zijn droom van een digitale bibliotheek
te verwezenlijken. Met behulp van ongeveer duizend vrijwilligers, een
paar gedoneerde computers en scanners digitaliseert Hart het werk van
Charles Dickens, Franz Kafka, Virginia Woolf, Dante en andere schrijvers
wier werk vrij van auteursrechten is. Voordat een boek op Internet wordt
gezet, wordt de tekst gecontroleerd en zoekt een jurist uit of er geen
copyright op rust. Maandelijks wordt een lijst gepubliceerd met de nieuwe
teksten. Ook naslagwerken als Webster's Dictionary en het CIA Worldfact
Book zijn via de vele sites van het Project Gutenberg in de Verenigde
Staten, Azië en Europa te raadplegen.
Hart stelt literaire teksten en naslagwerken die tot
het publieke domein behoren gratis beschikbaar op Internet zodat ze door
iedereen gelezen kunnen worden. Daarmee treedt hij in de voetsporen van
de uitvinder van de boekdrukkunst die met zijn drukpers boeken bereikbaar
maakte voor grotere groepen lezers. Het Gutenberg Project beantwoordt
wel degelijk aan een vraag want dagelijks worden er vanuit heel de wereld
tienduizenden teksten van deze site gedownload.
Harts plan om voor het jaar 2002 tienduizend werken
uit de wereldliteratuur en de belangrijkste woordenboeken en
encyclopedieën
online te brengen, dreigt te worden doorkruist.
De sterke lobby van uitgevers en databasebedrijven
probeert telkens meer stukjes van het publiek domein af te knagen. Wereldwijd
liggen ze aan de basis van wetsvoorstellen die de termijnen van bestaande
auteursrechten willen verlengen of die alsnog rechten op teksten willen
verkrijgen die nu gratis geraadpleegd en gekopieerd mogen worden. Uitgevers
en bedrijven die in elektronische databanken doen ijveren nu bijvoorbeeld
voor het recht om bepaalde informatie, bijvoorbeeld wetsteksten en vonnissen,
uit het publieke domein te verwijderen. Zulke wetsvoorstellen zouden
verstrekkende
gevolgen hebben moesten ze aangenomen worden.
Wat zijn de eventuele gevolgen van deze wetsvoorstellen?
Voor een uitgever als Reed Elsevier/Wolters Kluwer, die verantwoordelijk
is voor een groot deel van de wereldwijde publicaties van juridische teksten,
is dit meer dan een natte droom. Het betekent een onuitputtelijke goudmijn.
Voor het Gutenberg Project betekent dit misschien wel een nakend einde.
Harts kind bestaat immers enkel bij de gratie van vrijheid van informatie.
Voor het publieke domein betekenen deze wetsvoorstellen zeker een ernstige
uitholling. De nu reeds gapende kloof, tussen een minderheid die veel
geld verdient aan informatie die oorspronkelijk gratis toegankelijk was
en een grote groep burgers die om financiële redenen niet meer in
staat is zich te informeren, zal met de seconde groter worden.
Think Twice
|